6.22 Rentedragende financieringsverplichtingen

Heijmans beschikt over diverse financieringsarrangementen, zowel op groepsniveau als op projectniveau.

Bij de laatste herfinanciering (in 2023) naar aanleiding van de overname van Whoon is onderscheid gemaakt tussen een acquisitiefinanciering in de vorm van een lineaire lening en een revolving credit facility, aangezien de revolving credit facility meer flexibiliteit biedt om de fluctuaties in het werkkapitaal gedurende het jaar op te kunnen vangen.

Deze lineaire lening is in 2024 versneld afgelost (zie 6.22a), waardoor de huidige financiering alleen bestaat uit de revolving credit facility ter hoogte van € 177,5 miljoen, waarvan € 30 miljoen in de vorm van een rekening courant faciliteit (zie 6.22b).

Gevestigde zekerheden

Bij de herfinanciering in 2023 zijn er geen wijzigingen overeengekomen in het zekerhedenpakket dat is verstrekt aan financiers noch is dat nadien het geval. Deze zekerheden zijn vastgelegd in pandaktes, waarbij een zogenaamde intercreditorovereenkomst regelt in welke situaties en op welke wijze zekerheden uitgewonnen kunnen worden. Zo lang de Groep blijft voldoen aan de bancaire convenanten, waaronder de financiële convenanten (zie 6.22c), zijn deze situaties niet aan de orde.

De gevestigde zekerheden bestaan uit de verpanding van de debiteuren, de bankrekeningen en eventuele verzekeringsbaten. Dit criterium geldt uitsluitend voor zover Heijmans 100% eigenaar is van de betreffende vennootschappen en gemeten naar omzet dient tenminste 95% van de omzet vertegenwoordigd te zijn door dochtervennootschappen die de financiering mede ondertekenen (de zogenaamde 'guarantor cover'). Tot slot hebben de financiers op enkele grondposities met een boekwaarde ultimo 2025 van € 35 miljoen hypothecaire zekerheden gevestigd (2024: € 40 miljoen). Deze zekerheden vallen vrij naarmate de grondposities tot ontwikkeling komen.

De totale samenstelling van de rentedragende financieringsverplichtingen is als volgt:

31 december 2025

31 december 2024

x € 1 miljoen

Totaal

Kortlopend

Langlopend

Totaal

Kortlopend

Langlopend

Projectfinancieringen

7,0

-

7,0

7,6

-

7,6

Overige langlopende schulden

1,4

0,1

1,3

1,0

0,4

0,6

Totaal verplichtingen

8,4

0,1

8,3

8,6

0,4

8,2

6.22a Lineaire lening

De lineaire lening had bij de overname een omvang van € 80 miljoen en diende in 4 jaar lineair op kwartaalbasis te worden afgelost. Heijmans heeft deze financiering in 2024 vroegtijdig afgelost, waardoor de uitstaande som ultimo 2024 en 2025 nihil bedraagt. De lineaire lening was in gelijke delen verstrekt door ABN AMRO Bank, Rabobank en ING Bank.

6.22b Revolving credit facility

De revolving credit facility bedraagt ultimo 2025 € 177,5 miljoen (2024: € 177,5 miljoen). Dit bedrag is volledig gecommitteerd tot 1 september 2028 met dien verstande dat vanaf 30 september 2027 het totale commitment in vier kwartalen lineair wordt teruggebracht naar € 150 miljoen. Van deze faciliteit is € 30 miljoen verstrekt in de vorm van een gecommitteerde rekening courant faciliteit bij ING Bank.

Het resterende deel van de revolving credit facility is voor € 52,5 miljoen verstrekt door ABN AMRO Bank en Rabobank (elk) en voor € 42,5 miljoen door ING Bank. Kenmerk van de revolving credit facility (en daarmee de rekening courant faciliteit) is dat deze faciliteit, naar gelang de behoefte, gebruikt kan worden. Het revolverende karakter zorgt ervoor dat afgeloste bedragen in de toekomst opnieuw ter beschikking staan binnen de grenzen van het totale commitment, waarmee Heijmans in staat is de werkkapitaalfluctuaties gedurende het jaar op te vangen.

Qua rentecondities is sprake van 1-maands Euribor basisrente te vermeerderen met een marge-opslag die afhankelijk is van de uitkomst op de Leverage ratio en tussen de 1,9% en 2,9% ligt. In 2025, en naar verwachting ook in 2026, zal de marge-opslag 1.90% bedragen. Op het niet gebruikte deel van de revolving credit facility is een bereidstellingsprovisie van toepassing die gekoppeld is aan de te betalen marge-opslag. De revolving credit facility kan te allen tijde vroegtijdig worden ingeperkt door Heijmans.

Aan de margin grid is een bonus malus systematiek van plus of min 5 basispunten gekoppeld op basis van 4 duurzaamheidscriteria. Hiermee zet Heijmans haar duurzaamheidsambities extra kracht bij door zich te committeren om jaarlijks te verbeteren qua hoeveelheid uitstoot (CO₂e-emissie), aantal ongevallen (IF rate), gemiddelde CO₂e-emissie van opgeleverde woningen, en het aandeel van elektrische personenauto’s in het totale wagenpark. Ultimo 2025 zijn 4 van de 4 criteria behaald (2024: 4 van de 4 criteria), hetgeen tot gevolg heeft dat een bonus van 5 basispunten is behaald en de van toepassing zijnde marge voor de revolving credit facility zal worden aangepast zodra het compliance certificaat door ABN AMRO Bank, Rabobank en ING Bank akkoord is bevonden.

In 2025 is de revolving credit facility geactualiseerd en aangevuld met duurzaamheidscriteria die de prestaties van Whoon incorporeren, waarbij tevens gebruik is gemaakt van de meest recente sustainability-gerelateerde LMA-clausules. De faciliteit kwalificeert hiermee als een zogenaamde 'Sustainability Linked Loan'.

6.22c Bankconvenanten met betrekking tot de gesyndiceerde faciliteit

Op de gesyndiceerde faciliteit zijn diverse convenanten van toepassing, waaronder informatieverplichtingen, algemene verplichtingen en financiële minimumvereisten (de zogenaamde financiële convenanten). Indien niet aan de financiële convenanten wordt voldaan is de faciliteit direct opeisbaar. Gedurende het hele jaar heeft Heijmans ruimschoots geopereerd binnen de afgesproken convenanten:

  • De solvabiliteitsratio is gebaseerd op het in het jaarverslag gerapporteerde garantievermogen, gelijkgesteld aan het eigen vermogen van de Groep, en wordt jaarlijks aan het einde van het jaar getoetst op een minimaal niveau van 21%.

  • De interest cover ratio is de uitkomst van de voor convenanten gecorrigeerde EBITDA gedeeld door de netto rentelasten over de achterliggende 12 maanden, en wordt ieder kwartaal getoetst op een minimum niveau van 5.

  • De leverage ratio is de uitkomst van de (gecorrigeerde) nettoschuld gedeeld door de voor convenanten gecorrigeerde EBITDA over de achterliggende 12 maanden, en wordt ieder kwartaal getoetst op een maximum van 3.

Voor de financiële convenanten vormen de gerapporteerde cijfers op basis van IFRS het uitgangspunt en worden, zoals overeengekomen met de bankengroep in de kredietovereenkomst, enkele aanpassingen gemaakt. Zo worden voor specifieke situaties correcties toegepast, bijvoorbeeld wanneer projectfinanciering op non-recourse basis is verstrekt. Tevens wordt het effect van IFRS 11 gecorrigeerd, wat inhoudt dat de financiële resultaten van joint ventures proportioneel verwerkt worden in plaats van middels de equity-methode. Belangrijke aanpassingen zijn onder meer de vermeerdering van de boekhoudkundige nettoschuld met de nettoschuld uit joint ventures en bepaalde projectfinancieringen waarbij geen verhaalsrecht op de Groep bestaat (non-recourse). Belangrijke aanpassingen ten opzichte van de boekhoudkundige EBITDA betreffen de geactiveerde rente, resultaten gerelateerd aan verkochte bedrijfseenheden, reële waarde aanpassingen, reorganisatiekosten en EBITDA resultaat joint ventures. De belangrijkste aanpassing van de boekhoudkundige netto rentelasten betreft de uitsluiting van rentelasten uit non-recourse projectfinanciering.

Het voldoen aan de convenanten wordt actief gemonitord binnen de Groep. Op basis van het businessplan 2026 en de solide financiële uitgangspositie ultimo 2025 verwacht de Groep ook in het komende jaar ruimschoots binnen de convenanten te blijven opereren. Bij de beoordeling daarvan zijn met name de ontwikkeling van de onderliggende EBITDA en de nettoschuld van belang. Het verloop van de nettoschuld is onderhevig aan schommelingen in het werkkapitaal, die voortkomen uit seizoensinvloeden en projectgebonden fluctuaties. Gedurende het jaar is het werkkapitaalbeslag doorgaans hoger dan per 31 december, wat kan leiden tot een tijdelijke hogere nettoschuld in de orde van grootte van € 10-50 miljoen. Deze variaties in werkkapitaal worden waar nodig opgevangen door de beschikbare ruimte op de revolving credit facility.

Bedragen x € 1 miljoen

2025

2024

Rentedragende financieringsverplichtingen (kortlopend en langlopend)

6.22

-8,4

-8,6

Leaseverplichtingen (kortlopend en langlopend)

6.11

-124,1

-106,6

Liquide middelen en equivalenten

6.19

190,0

105,4

Nettokas / (Nettoschuld)

57,5

-9,8

Aanpassingen voor:

Nettoschuld joint ventures

6,5

2,0

Nettoschuld non-recourse projectfinanciering

12,2

15,6

Overig

-5,3

-2,8

Nettokas / (Nettoschuld) convenanten (A)

70,9

5,0

Gerapporteerde EBITDA

6.1

223,9

172,2

EBITDA joint ventures

6.1

22,1

15,6

Overige bijzondere posten

6.1

6,4

11,0

Onderliggende EBITDA

252,4

198,8

Aanpassingen voor:

Geactiveerde rente

6.7

0,0

0,4

Reële waarde aanpassingen acquisitie Whoon

34,1

17,5

EBITDA projecten met non-recourse financiering

-1,8

-1,0

Overig

0,2

1,1

EBITDA convenanten (B) - Interest Cover

284,9

216,8

EBITDA toerekenbaar aan desinvesteringen

0,0

0,0

EBITDA convenanten (C) - Leverage Ratio

284,9

216,8

Netto rentelasten

3,9

6,2

Aanpassingen voor:

Geactiveerde rente

6.7

0,0

0,4

Netto rentelasten joint ventures

-0,6

-0,5

Rentelasten non-recourse projectfinanciering

-0,4

-0,5

Overig

0,1

-1,2

Netto rentelasten convenanten (D)

3,0

4,4

Bedragen x € 1 miljoen

2025

2024

Eigen vermogen

2.

548,3

463,0

Garantievermogen (E)

548,3

463,0

Balanstotaal (F)

3.

1.665,5

1.368,6

Leverage ratio (-A/C) <3

-0,2

0,0

Interest cover ratio (B/D) >5 (indien rentelasten negatief zijn, dan niet van toepassing)

94,3

49,3

Solvabiliteitsratio (E/F) >21%

32,9%

33,8%

6.22d Projectfinancieringen

De projectfinancieringen zijn afgesloten in het kader van specifieke (vastgoed)projecten. Het betreft vastgoedontwikkelingsprojecten binnen Wonen met een totale omvang van € 7 miljoen (2024: € 8 miljoen) (Heijmans aandeel). De aflossingsschema's van de projectfinancieringen hangen overwegend samen met de voortgang van de projecten. De looptijd van de projectfinancieringen is maximaal tot de oplevering en/of verkoop van de projecten. Als zekerheden dient de waarde van het desbetreffende project inclusief de toekomstige positieve kasstromen van de projecten, alsmede in de meeste gevallen de aan het project of projectvennootschap gerelateerde contracten en hypothecaire zekerheden. In beginsel verstrekt Koninklijke Heijmans N.V. (of daarvan onderdeel uitmakende groepsmaatschappijen) voor geen van de projectfinancieringen moedermaatschappijgaranties voor de betaling van aflossing en/of interest.

6.22e Overige schulden

De overige schulden betreffen financieringen verstrekt door betrokken partijen in een aantal specifieke grondposities. Als zekerheid voor deze financieringen van € 0,5 miljoen (2024: € 0,9 miljoen) is een garantstelling verstrekt door Koninklijke Heijmans N.V. voor de aflossing en/of rentebetaling.

6.22f Gemiddeld rentepercentage

2025

2024

Lineaire lening

-

5,9%

Revolving credit facility

4,0%

5,8%

Projectfinancieringen

1,9%

2,3%

Overige langlopende schulden

2,1%

2,2%

Het vermelde percentage met betrekking tot de revolving credit facility is exclusief geamortiseerde herfinancieringskosten en bancaire fees.

6.22g Verloop rentedragende verplichtingen

Het verloop van de rentedragende verplichtingen is als volgt:

x € 1 miljoen

Lineaire lening

Project-financiering

Overige langlopende schulden

Totaal

31 december 2023

73,8

12,2

1,3

87,3

Oprenting/amortisatie

1,2

-

-

1,2

Aflossingen

-75,0

-4,6

-0,3

-79,9

31 december 2024

0,0

7,6

1,0

8,6

Opgenomen financiering

-

-

0,6

0,6

In consolidatie genomen

-

-

0,8

0,8

Aflossingen

-

-0,6

-1,0

-1,6

31 december 2025

-

7,0

1,4

8,4

De kasstromen die verband houden met de revolving credit facility zijn in zowel het bovenstaande verloopoverzicht als het kasstroomoverzicht op netto basis gepresenteerd. Dit komt doordat het gaat om (zeer) kortlopende financiering met grote bedragen en korte looptijden. Het hoogst opgenomen bedrag op de revolving credit facility gedurende 2025 bedroeg € 70 miljoen (2024: € 40 miljoen), dat vervolgens in het boekjaar volledig is afgelost.

Mededeling – De in dit jaarverslag opgenomen financiële verslaggeving van Koninklijke Heijmans N.V. betreft een niet-ESEF-conforme en derhalve niet-officiële weergave. De officiële versie van de financiële verslaggeving is opgenomen in het ESEF-rapportageformat en is beschikbaar via https://rapportage.heijmans.nl/downloads.

Het bestuursverslag als bedoeld in Boek 2 titel 9 BW betreft de onderdelen Woord van onze CEO, Dit is Heijmans, Onze strategie, Risicomanagement, Governance m.u.v. het Verslag van de raad van commissarissen, en de bijlagen m.u.v. de overige gegevens (Resultaatbestemming, Controleverklaring van de onafhankelijke accountant en Assurance-rapport met beperkte mate van zekerheid van de onafhankelijke accountant over het duurzaamheidsverslag).

Previous Next
Download